Bierstad Utrecht

0

In 2010 dronken we in Nederland gemiddeld zo’n 72 liter bier. Daarmee behoren we tot de gemiddelde bierconsument in Europa. In Tsjechië. Hoewel wij in Nederland ten opzichten van 2009 bijna een liter minder dronken, vloeit het bier in de stad Utrecht nog altijd rijkelijk. In Utrecht is er al eeuwen een biertraditie die mede door de duizenden studenten die de stad telt. Maar hoe is deze traditie eigenlijk ontstaan? Ooit telde de stad tientallen brouwerijen, en wat is daarvan over? Kees Volkers is de schrijver van Wandelen over de Bierkaai, het boek over de stad Utrecht en bier bij uitstek. Hij weet als geen ander hoe belangrijk het gerstenat voor de stad was, en is.  Naast informatie over zijn boek vind je hier ook een interview met hem.

 

Read more…

De Zeven Steegjes, de oudste volksbuurt van Utrecht

0

De Zeven Steegjes zijn in de  periode voor de oorlog gekenmerkt door armoede. Na de oorlog besloot de gemeente Utrecht dat de buurt tegen de vlakte moest, om plaats te maken voor nieuwbouw.

Read more…

Utrechtse Lekkernijen – Echt Utrechts Bier

0

De stad heeft een aantal bierbrouwerijen een daarvan is De Leckere, het begon allemaal op 1 november 1996, Brouwerij De Leckere werd als VoF ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. De initiatiefnemers waren Erik Bok, Pim Bosch, Nico Verhoog en Edo Gommers. Toen der tijd stond de brouwerij op het Lage Weide.

De brouwerij werd volledig door de vier initiatiefnemers en vrienden en familie, ontworpen en gebouwd. Er werd een waterleiding aangelegd, er werden vloeren gestort en de volkomen lege ruimte werd opgedeeld in kleinere ruimten die als brouwzaal, moutzolder, warme kamer en gistkamer dienst gingen doen. De gebruikte apparatuur was afkomstig vanuit de horeca, openbare verkopingen van boedels (waaronder de inboedel van een melkfabriek), dumphandels en vlooienmarkten.

Zo ging het rollen. Alle werkzaamheden werden handmatig uitgevoerd: het bottelen, het plakken van de etiketten en het roeren met de roerstok in de maiskuipen. In het begin werd er ongeveer 400 hectoliter per jaar gebrouwen. In 1998 werden al ongeveer 140 winkels en restaurants bevoorraadt met het bier van De Leckere.  En in 1999 was de jaarproductie gegroeid naar 500 à 600 hectoliter. Sinds augustus 2000 staat de brouwerij op het industrieterrein in De Meern.

De brouwerij heeft sindsdien zijn up’s en down’s gehad, maar heeft vandaag de dag 25 verschillende bieren die in Utrecht en omgeveging tientalen café’s en  winkels verkocht worden.

 

 

Van foto-expositie tot Rijn en Lek Safari

0

De Week van de Geschiedenis (16 oktober t/m 24 oktober) heeft de provincie Utrecht niet aan zich voorbij laten gaan. Met als thema ‘Land en Water’ lopen de activiteiten uiteen van een stadswandeling tot Rijn en Lek Safari.

Read more…

Historische molen Lombok

0

Nederland wordt vaak nog gezien als het land van de molens. In en rond Utrecht hebben dan ook 40 molens lange tijd het landschap verrijkt. Houtzaagmolen de Ster is één van de twee overgebleven molens in de stad Utrecht. De molen is te vinden in de wijk Lombok en is op zaterdag nog steeds in gebruik als houtzagerij.

Molen de Ster heeft een originele zaagschuur, molenaarshuis en enkele houtloodsen en is daardoor een complete, en voor Nederland, unieke molenwerf. Deze molen aan de Leidse Rijn is niet altijd in de staat geweest waarin hij nu is. In 1911 was de molen gesloopt en toen in de jaren ’80 het molenerf door de gemeente werd gerestaureerd was er geen geld voor herbouw van de molen. Het idee was om een kunstwerk op de plek van de molen te zetten. De buurtbewoners waren het hier echter niet mee eens, zij wilden een echte molen. Daarom namen zij in 1988 het initiatief om Stichting de Sterremolen opgericht. Het is toen gelukt om de benodigde 1,7 miljoen gulden in te zamelen die nodig was om de molen te herbouwen. De molen is in 1999 officieel geopend door Prins Claus en wordt sindsdien als houtzagerij, maar ook voor andere activiteiten, gebruikt.

De Ster is oorspronkelijk gebouwd in 1739 en was één van de drie houtzaagmolens aan de Leidse Rijn. In heel Utrecht hebben in totaal twaalf houtzaagmolens gestaan. De naam van molen De Ster is afgeleid van de nam van de eerste eigenaar, Arien van der Starren. Hij heeft samen met Jordan van der Ven de molen laten bouwen. Tot 1860 is de molen in bezit geweest van de familie van der Starren. Daarna is de molen eigendom geweest van bakker Johannes Mol en later doorverkocht aan de houthandel van familie de Wit. De familie Wit heeft de molen in handen gehad totdat de gemeente de plannen maakte om grote bedrijven uit de woonwijk Lombok te weren. Hierdoor werd de molen onteigend van houthandel De Wit. Later hebben erfgenamen van De Wit zich samen met andere buurtbewoners zich ingezet voor de restauratie van de molen en het molenerf.

Verdwenen buurtwinkels

0

Richard Koot is eigenaar van groentenwinkel Koot. Daarvoor was de winkel in handen van zijn vader en opa. In drie generaties is de wijk veranderd. Waren er vroeger honderden buurtwinkels te vinden in Wittevrouwen, tegenwoordig zijn er nog maar enkele over.

De buurtwinkels waren vroeger vooral te vinden in de Poortstraat en de Gildstraat. Beide straten bestonden uit talloze winkels. Mensen kochten spullen bij de slager, de kruidenier, de melkboer, de drogisterij en kledingwinkels. De  kruidenier had klanten van christelijke afkomst, terwijl de naastgelegen kruidenier bezocht werd door rooms-katholieken. Er was geen concurrentie en op deze manier konden de buurtwinkels blijven bestaan. Veel buurtwinkels die generaties lang in de familie bleven, zijn verdreven door een biologische supermarkt en slager.

Hoekwoningen

Buurtwinkels waren vaak gevestigd op de hoek van twee straten (tegenwoordig voornamelijk hoekwoningen). Tijdens een wandeling in de wijk vallen op kruisingen de planken of dichtgemaakte deuropeningen op. Bij een groot deel van de hoekwoningen vallen de glas-in-loodramen en voormalige deuropeningen op.

Bewoners Wittevrouwen

De bewoners van de wijk Wittevrouwen zijn tegenwoordig een mix van yuppen en studenten. Buurtwinkels zijn er nauwelijks meer te vinden. Desondanks komen er meer restaurants en winkels die bijzondere producten verkopen. Hopelijk houden de huidige bewoners de laatste buurtwinkels in leven. Anders moet Wittevrouwen binnenkort noodgedwongen de supermarkt in.